De term ‘autisten’ wordt voor het eerst toegepast op Nederlandse kinderen

De eerste gevallen van ‘vroegkinderlijk autisme’ worden beschreven in Nederland
18 februari 2020
1938
In 1938 (en de jaren daarna) werden in het Pedologisch Instituut in Nijmegen bepaalde kinderen aangeduid als ‘autist’. Dit is de eerste keer dat in Nederland de term ‘autisten’ op kinderen werd toegepast. Het is opvallend dat dit al in 1938 gebeurde. De termen autisme en autistisch werden  weliswaar al eerder gebruikt in Nederland, maar alleen als aanduiding van een symptoom van volwassenen met schizofrenie. Het werk van Leo Kanner en Hans Asperger, die de term autisme toepasten op kinderen, was toen in Nederland nog niet bekend. Hans Asperger sprak weliswaar in 1938 voor het eerst publiekelijk over autisme in een lezing en publiceerde deze later in een lokaal tijdschrift. Maar in Nederland was deze lezing niet bekend. In 1838 zag Leo Kanner zijn eerste patiënt met autisme, Donald Triplett, maar hij publiceerde hier pas over in 1943. Ook zijn ideeën over autisme waren dus nog niet bekend in Nederland.

Siem


  • Ida Frye
  • Nijmegen
  • Pedologisch Instituut
"De ouders kwamen op advies van de huisarts, die bang was dat Siem een verstandelijke beperking had"

De eerste persoon die in Nederland ‘autist’ werd genoemd was ‘Siem’. Als baby in de box had Siem er plezier stukken behang van de muur te scheuren. Hij genoot van het knisperende geluid dat de stukken papier maakten als ze lang elkaar schuurden. Zijn moeder begon zich pas zorgen te maken toen hij twee jaar oud was en niets anders deed dan zand over zichzelf heen gooien. Ook speelde hij graag met water. Wanneer hij ergens mee bezig was, kon hij hier volledig in opgaan. Als je probeerde zijn aandacht op iets anders te richten, dan reageerde hij niet. Als hij toch gestoord werd in zijn bezigheden werd, gooide hij met dingen en ging hij krijsen en brullen. Ook als er een kleine verandering werd gemaakt in de inrichting van het huis ging hij schreeuwen. Toen hij op drie jarige leeftijd nog niet sprak werden zijn ouders zeer bezorgd.

Siem werd als 4-jarige jongen op 26 oktober 1936 door zijn ouders naar het Pedologisch Instituut in Nijmegen gebracht, op verwijzing van zijn huisarts, die dacht dat hij een verstandelijke beperking had. Siem werd dezelfde dag nog opgenomen in het instituut en toen zijn ouders hem achterlieten en afscheid namen toonde hij geen enkele emotie. In het instituut werd Siem uitvoerig getest en jarenlang gevold in zijn ontwikkeling. Siem werd onder meer gezien door Ida Frye,  een non en onderwijzeres die werkte voor het instituut en die in 1968 zijn casus beschreef in haar proefschrift.

De term ‘autisten’ wordt geïntroduceerd


  • Verslag over de Jaren 1937 en 1938
  • Ida Frye
  • Nijmegen
  • Stichting voor Paedologische Instituten Nijmegen
"Onafhankelijk van elkaar kwam men op drie verschillende plaatsen ertoe de term 'autisme' te gebruiken voor een specifieke groep kinderen"

In haar proefschrift schreef Ida Frye dat men rond 1940 op drie verschillende plaatsen (Wenen, Baltimore en Nijmegen) ertoe kwam autisme en aanverwante termen te gebruiken voor een specifieke groep kinderen. In Baltimore werd de term autisme door Leo Kanner op kinderen toegepast, in Wenen gebeurde dit door Hans Asperger, en in Nijmegen gebeurde dit in het Pedologisch Instituut.

Het Pedologisch Instituut werd op in 1936 geopend. Het instituut was bedoeld voor “geestelijk afwijkende kinderen”, waarmee zowel kinderen met een verstandelijke beperking werden bedoeld als kinderen met gedragsproblemen. Er was een inloopafdeling met bijna dagelijks spreekuur en een opnameafdeling voor “de meer gecompliceerde gevallen”.

De term autisten verscheen voor het eerst in het jaarverslag (1937-1938) van het instituut, om kinderen zoals Siem aan te duiden.

Literatuur


  • “1936 Ida Frye: Autisme voor het eerst in Nederland beschreven” (2017), Canon Autisme Nederland
  • “Het Paedologisch Instituut te Nijmegen. Gisteren geopend. Hulp voor moeilijke kinderen.”(1936, 11 aug.), Nieuwe Venlosche courant.
  • Asperger, H. (1938). Das psychisch abnorme Kind. Wiener Klinische Wochenschrift, 51, 1314-1317.
  • Frye, I. B. M. (1968). Fremde unter uns: Autisten, ihre Erziehung, ihr Lebenslauf (Doctoral dissertation, Meppel: Boom).
  • Kanner, L. (1943). Autistic disturbances of affective contact. Nervous child, 2(3), 217-250.
  • Stichting voor Paedologische Instituten en Orthopaedische Inrichtingen in Nijmegen / Ubbergen [webpagina]. (geen datum).
  • van Drenth, A. (2016). Pioneering in autism. The Dutch case of practising child-study in the late 1930s. In Book of Abstracts (Vol. 37, No. 10, p. 2).
  • Van Drenth, A. (2018). Rethinking the origins of autism: Ida Frye and the unraveling of children’s inner world in the Netherlands in the late 1930s. Journal of the History of the Behavioral Sciences, 54(1), 25-42.