Hoe compenseren autisten hun beperkingen?
2 juni 2018
Complex trauma
8 juni 2018

Autisten ervaren geen emoties en delen hun gevoelens niet

Belang

 
Naast het herkennen van emoties in de gezichtsexpressie van anderen is ook het ervaren en delen van gevoelens door autisten zelf onderwerp van stereotypering. De lichte versie van het stereotype is dat mensen met autisme weliswaar enige emotie kunnen ervaren, maar moeilijk over hun gevoelens kunnen praten en moeite hebben met de expressie van emoties. De zware versie is dat autisten überhaupt geen emoties ervaren, waarmee ze niet echt meer tot de menselijke soort behoren en een soort emotieloze robots zijn. De praktische implicatie is dat de meeste andere emotiegerelateerde stereotypes dan ook gelden: autisten hebben geen humor, kunnen geen liefde geven en zijn niet geschikt als partner.

Ontwikkelingen

  • 1943Kanner

    De Oostenrijks-Amerikaanse kinderpsychiater Leo Kanner concludeert dat autistische kinderen emotioneel niet op de persoon van de ander reageren, maar slechts op het object dat iemand hanteert. Wanneer een volwassenen een blok wegneemt of ergens op gaat staat wat het kind nodig heeft wordt het kind boos op de hand of de voet, maar niet perse als onderdeel van een persoon. Wanneer het autistische kind geprikt wordt, toont hij angst voor de naald, maar niet voor de persoon die hem geprikt heeft. Het is niet helemaal duidelijk hoe Kanner tot de conclusie komt dat het kind op de naald reageert en niet op de persoon. Wel is duidelijk dat Kanner een gebrek aan "emotionele reactiviteit" in relatie tot anderen als de kern van autisme ziet, hoewel hij nooit beweert dat autistische kinderen helemaal geen emoties zouden vertonen.
  • 1987APA

    De derde versie van het diagnostische handboek DSM beschrijft een van de kenmerken van autistische kinderen als een "klaarblijkelijk afwezigheid van emotionele reacties".
  • 1993Capps e.a.

    In een studie naar de emotionele expressiviteit van autistische kinderen concluderen de onderzoekers dat autistische kinderen bij het kijken van een video meer gezichtsexpressie vertonen dan de controlegroep. Zij verklaren dit verschil door de neiging van neurotypische kinderen om hun emoties te onderdrukken in de aanwezigheid van anderen. Neurotypische kinderen blijken namelijk wel beter in staat om de emoties accuraat in de video in woorden te beschrijven, waaruit blijkt dat zij de emoties wel degelijk ervaren hebben. Tevens concluderen zij dat neurotypische kinderen vaker plezierige dan onplezierige emoties ervaren, terwijl autistische kinderen deze beide even vaak ervaren. Dit wijst erop dat autistische kinderen zich vaker boos, verdriet of bang voelen dan neurotypische kinderen.
  • 1993Nelson

    In het artikel The Psychological and Social Origins of Autobiographical Memory beschrijft de Amerikaanse ontwikkelingspsycholoog Katherine Nelson hoe kinderen leren om zich herinneringen van emotionele gebeurtenissen te vormen door de hulp van of de vertelling van hun ouders te gebruiken als basis voor hun eigen vertelling. Ervaringen die worden beschreven in verhalende vorm worden vaker onthouden. Voor emotionele ervaringen gebruiken kinderen dan ook vooral de verhalende vorm.
  • 2004Hill e.a.

    Britse onderzoekers vinden dat ongeveer 50 procent van autistische deelnemers in hun onderzoek moeite heeft met het het identificeren en beschrijven van de eigen emoties.
  • 2006Losh & Capps

    In een studie naar de emotionele ervaringen van hoogfunctionerende kinderen met autisme zijn kinderen met autisme minder geneigd om hun emotionele vertellingen te organiseren in verhalen met een causale verklaring ('ik voelde me beschaamd, omdat iedereen me uitlachte') en om een subjectieve evaluatie van de betekenis van de ervaring te geven ('en nu zijn we dus geen vrienden meer'). Autistische kinderen vertonen een sterkere neiging om sensorisch opvallende elementen van de ervaring te beschrijven, zoals kleuren, geuren of geluiden.
  • 2008Bauminger e.a.

    In een studie naar vriendschap in hoog-functionerende kinderen met autisme vertonen vriendschappen tussen een autistisch kind en een neurotypisch kind en vriendschappen tussen twee neurotypische kinderen geen verschil in de mate van het delen van ervaringen en emoties en de mate van positieve gevoelens.
  • 2009Crane e.a.

    In een studie naar alledaagse en bijzondere autobiografische herinneringen hangt het aantal verwijzingen naar emoties samen met de lengte van het verhaal en vertonen autistische en neurotypische volwassenen geen verschil in het aantal woorden en het aantal verwijzingen naar emoties en naar anderen dat ze in hun vertellingen gebruiken. Ook zijn hun herinneringen even sterk tijdspecifiek. Wel verwijzen autistische volwassenen vaker naar sensorische elementen.
  • 2010Jones & Huws

    In een kwalitatieve studie naar emotionele ervaringen van hoogfunctionerende autisten concluderen de onderzoekers dat negatieve emoties als woede, verdriet en angst een belangrijke rol spelen in het leven van mensen met autisme.
  • 2011Brown

    Amerikaanse onderzoekers vinden dat jongens met Asperger Syndroom tijdens een interview over vroege en recente herinneringen minder emoties en gedachten en meer fysieke sensaties beschrijven dan jongens uit de controlegroep.
  • 2013Bang

    Canadese onderzoekers vinden dat autistische kinderen zonder taalstoornis bij het voeren van een kort gesprekje evenveel mentale toestand-termen produceren als de controle groep. Dit houdt in dat ze even vaak woorden gebruiken die naar emoties, gedachten of sensaties verwijzen. Wel gebruiken ze minder verhalen met een temporale volgorde (eerst.. en toen...).

Ervaringen van autistische volwassenen

Ik ervaar erg intense emoties, maar ik laat ze niet aan anderen zien. Ik wordt erg expressief wanneer ik tegen mezelf praat, op het moment dat ik alleen ben. Maar ik kan mijn emoties niet uiten waar andere mensen bij zijn.
Ik uit mijn gevoelens wanneer ik iemand voor 100% vertrouw, maar over het algemeen hou ik mijn gevoelens voor mezelf. Ik wordt veel te makkelijk gemanipuleerd door anderen, dus ik hou over het algemeen mijn mond.
Wanneer ik verdrietig ben kan ik zonder al te veel moeite iets zeggen als 'ik ben niet zo blij', maar iets meer dan dat, daar heb ik geen woorden voor.
Ik heb problemen met het uiten van mijn gevoelens, omdat ik soms niet weet hoe ik dat moet doen. Ik ben erg bang om weer verkeerd begrepen te worden. Dus ik hou mijn gevoelens liever voor mezelf.
Ik heb altijd al moeite gehad met het uiten van mijn gevoelens, vanwege mijn problemen met gezichtsuitdrukkingen, taalproductie en intonatie. Meestal zwijg ik en vertoon ik geen enkele gezichtsuitdrukking. Ik ben er veel beter in om er over te schrijven.
Ik heb vaak moeite met het identificeren van wat ik voel. Ik vertel mijn ervaringen vaak erg feitelijk aan anderen, zonder iets te zeggen over hoe ik me erbij voel. Mensen zeggen vaak tegen me dat ik erg moeilijk te lezen ben en altijd kalm en beheerst over kom. Zelfs wanneer ik me extreem angstig of overstuur voel kom dat blijkbaar niet over op anderen.
Ik praat nooit met mijn man over mijn gevoelens en ik heb er ook nog nooit aan gedacht om hem naar zijn gevoelens te vragen.
Ik voel me verdrietig wanneer ik lees over het lijden van andere mensen. Ik wordt er ook boos van als mensen dieren of kinderen kwaad doen.
Ik heb geen moeite met het uiten van mijn gevoelens. Dat gebeurd vanzelf. Ik heb alleen moeite met het opmerken ervan. Ik kan boos doen zonder zelf door te hebben. Dan merk ik dan pas later, als ik tijd heb gehad om over de situatie na te denken, dat ik boos ben.
Ik ervaar de fysieke manifestaties van angst, woede en verdriet. Mijn probleem is echter het uiten van emoties. Het uiten van emoties gebeurd niet op natuurlijke manier bij mij en doen alsof voelt onoprecht.
Ik ben bang om sterke emoties bij anderen op te wekken. Sterke emotionele reacties van andere, positief of negatief, maken mij gestrest.
Ik ben autistische, maar ik uit mijn gevoelens vrij veel richting mijn familie en vrienden. Ik begrijp dan ook niet zo goed wat er precies bedoelt wordt met dat hele gedoe over 'gevoelens niet kunnen uiten'.
Ik heb meer tijd nodig om mijn gedachten en gevoelens te verwerken en te verbaliseren. Vaak is het een combinatie van niet weten wat ik voel en niet weten hoe ik het moet zeggen op het moment dat ik het wel denk te weten. En zelfs wanneer ik er achter ben en het gezegd heb betekent dat nog niet perse dat ik het juist heb.
Ik uit mijn gevoelens teveel. Wanneer ik op straat loop en mensen mij in de weg zitten laat ik ze graag weten dat ze me irriteren. En als het een warme en zonnige dag is en ik blij ben uit ik dat ook heel graag, maar dan vinden anderen dat weer raar. Ik probeer me dus aan te passen en beleefd en beheerst te zijn.

De onderzoeksresultaten

Voor

Autisten ervaren vaker dan gemiddeld moeiten met de eigen emoties
Uit studies naar alexithymia blijkt dat een groter dan gemiddeld percentage autistische volwassenen moeite ervaart in het identificeren en beschrijven van de eigen emoties. Uit de ervaringen van autistische volwassenen blijkt tevens dat zij moeiten kunnen ervaren in het uiten van hun emoties.
Sommige autisten vertonen geen emoties bij de meeste andere mensen
Uit de ervaringen van autistische volwassenen blijkt dat een deel van hen wel emoties vertoont, maar vooral wanneer ze alleen zijn of met iemand die ze volledige vertrouwen. Vanwege het risico om weer gekwetst te worden tonen zij liever geen kwetsbare emoties waar andere mensen bij zijn, behalve bij mensen die ze vertrouwen.

Tegen

Er is geen bewijs voor het idee dat autisten geen emoties ervaren
Er is al vanaf het begin van het autisme-onderzoek geen twijfel onder autisme-onderzoekers dat autistische mensen emoties ervaren en emoties uiten. Leo Kanner sprak al over hun “angst” voor pijn, hun uitbarstingen van “woede", hun “blije” gezang en hun vertoon van een “glimlach” of een “expressie van gelukzaligheid”.
Er is weinig bewijs voor een algemene autistische neiging om geen emoties te delen
In de wetenschappelijke studies over het vertellen over herinneringen of het delen van verhalen met vriend of vriendin lijken autisten evenveel te verwijzen naar emoties. Ook uit de ervaringen van autisten blijkt dat, net als in de algemene populatie, sommigen hun emoties gemakkelijk uiten terwijl anderen hun emoties meer beheersen.

Conclusie

 
Autistische volwassenen ervaren de volledige breedte van menselijke emoties, al ervaren ze wel vaker dan gemiddeld onplezierige emoties en hebben ze vaker dan gemiddeld moeite met het identificeren, beschrijven en uiten van hun emoties. Er is echter weinig bewijs voor een algemene autistische neiging om gevoelens niet te delen. Wanneer autistische volwassenen hun gevoelens niet delen met anderen kan zowel de persoon zelf als de sociale omgeving een rol spelen. Voor een deel is de sociale omgeving simpelweg niet veilig genoeg.
 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

x

Wij gebruiken cookies om u de beste online ervaring te bieden. Door akkoord te gaan, accepteert u het gebruik van cookies in overeenstemming met ons cookiebeleid.

I accept I decline

Send this to a friend